Vandaag ging ik naar de boekhouder. Mijn boekhouder heet Rob en de administratie deed ik in een Dirk-tas. Hoewel niet bewust, bleek het onbedoeld een bijna metaforische combinatie. Ik heb heel wat 'financieel adviseurs' gekend. Als je in de reclame werkzaam bent, loop je de kans op relatief jonge leeftijd exorbitante bedragen te verdienen. Dat trekt natuurlijk allerlei rare vogels aan - maar dat ze raar zijn, daar kom je alijd pas later achter.
En dat ze je vooral allerlei onnodige polissen verkopen waar ze zelf het beste van worden, daar kom je pas achter als je ziet wat 'de kosten' waren die eerst ingehouden worden, voordat je zuur door je werkgever betaalde inleg gaat renderen.
Een van mijn voormalige adviseurs verdiende zo 30.000 gulden teveel aan me, twee anderen lulden me in een veel te duur huis en de derde was zo goed dat niet alleen ik er van in de war raakte, maar met mij nog tientallen belastinginspecteurs, advocaten en collega-reclamemakers.
Natuurlijk, ik was er zelf allemaal bij. En het is uiteindelijk mijn verantwoordelijkheid. Maar om met The Buccaneers van meet af aan een dijk van een doorzichtige administratie op te bouwen, liet ik me door Edgar -daar is ie weer- Stam graag naar zijn accountant doorverwijzen: Rob Takken van Amiko, in Hilversum.
Rob is de vleesgeworden degelijkheid. Aan de muur z'n trouwfoto, op de tafel zijn kind in een lijstje (achter een computer - nu al) en zwarte eerlijke koffie in een fijne handzame mok, met naar keuze een staafje creamer of suiker.
Ik ben een beetje van Rob gaan houden. Zijn nuchterheid is fenomenaal. Zijn parate kennis onverslaanbaar. En zijn flexibiliteit, daar kan ik nog een puntje aan zuigen.
Dit keer kreeg ik zelfs een bescheiden pluim van Rob. Dat het goed ging met The Buccaneers, dat merkte ik zelf al aan de belangstelling, de klanten die bellen, de leads die groter worden in aantal en (budget)omvang en vooral aan het krimpende aantal uren slaap dat ik per nacht nog kan genieten.
Afgelopen zaterdag zag ik zelf tijdens het uitzoeken van bonnetjes, facturen, creditnota's, herinneringen en kwitanties ook al vordering ten opzichte van de zware start in 2005, maar het is altijd prettig wanneer vaklieden dat ten ene male aan je bevestigen. In Rob's geval: door een Excell-sheet met 3 grijze kolommen (Q1, januari, februari, maart) en 9 witte, waaroverheen hij goedkeurend naar me knikte.
De bank is niet meer nodig. De omzet stijgt. De kosten zijn gereduceerd. Op papier maken we zelfs nu al winst, ware het niet dat we door de zware aanloop investeringen cashflow-technisch nog achter lopen - de papieren winst vinden we nog niet terug in pure liquiditeit. Maar "da's heel normaal", vond Rob. En: "als je zo doorgaat, dan moet je rond de zomer lekker draaien en het eind van het jaar heel keurig kunnen afronden".
Omdat boekhouden niet tot mijn core business behoort (to put it mildly), voelde ik me een beetje alsof ik vroeger op school per ongeluk een 7- kreeg voor Natuurkunde, of voor Wiskunde eens een voldoende kreeg in plaats van een 1.
Met de leeggemaakte ordner weer in de Dirk-tas, moest ik op weg terug naar kantoor opeens enorm lachen. Op de tas had net zo goed 'Rob' kunnen staan: bescheiden, kwalitatief, simpel, recht door zee en vooral niet moeilijker dan strikt noodzakelijk.
Heel leerzaam. Op naar Q2!

